logboek

De laatste loodjes

De laatste loodjes

Van Fiji naar Nieuw Caladonië gaan we weer als een speer. En in Nouméa, de hoofdstad van ”New Cal”, genieten we volop van het mondaine – Franse – leven. De zon, de zee, en zeilbootjes overal. Baguettes voor het ontbijt. We zijn bijna helemaal de Pacific over, ruim 8.000 mijl. Alleen dat laatste stukkie nog, naar Sydney.

Onrust dus. Onrust onder de zeilers. Want het cycloon seizoen komt er aan, en dan moet je weg zijn uit Nieuw Caladonië. Dus ga je om te schuilen naar Nieuw Zeeland, of naar Australië. Beide trajecten niet eenvoudig. Minimaal weer 800 tot 1000 mijl. Minimaal één front over. Lastig, de winter is op het Zuidelijke halfrond nog maar net voorbij en de voorjaarsstormen razen. Het weer is moeilijk voorspelbaar. En dat baart zorgen. We zoeken naar een goede weer window. De voorspellingen wisselen dagelijks, dat maakt het extra moeilijk. Zorgen dus. En afwachten geblazen, het weer monitoren, en wachten en wachten. Tot het goede moment. Tot die laatste loodjes van de Stille Oceaan…

Goede wind afwachtend, kijken we terug naar het afgelopen jaar. Misschien wel het mooiste jaar van ons zeilavontuur. Prachtige tochten, vele bijzondere eilanden, verschillende culturen, de leuke mensen onderweg. Het lekkere eten, het mooie duiken. Maar ook de zorgen. De zorg om de boot, de zorg om de wind en het weer, de zorg voor elkaar. ”You are on your own in the Pacific” – dat geeft een extra verantwoordelijkheid.
En de lange tochten zijn intensief. Even naar de volgende bestemming, weer 800 mijl. Het begint normaal te klinken, maar we raken er toch niet aan gewend.

Eigenlijk maken we een beetje de balans op. What’s next? Varen we nog een paar jaar door?
Door naar Indonesië, waar op homoseksualiteit de doodstraf staat? Over de Indische Oceaan naar Zuid Afrika? De Zuid Atlantische weer terug naar de Carieb?

We kijken elkaar diep in de ogen, en we weten het wel. We zitten op dezelfde lijn. We missen onze vrienden en familie in Nederland. We zouden best wat vaker dichter in de buurt van Remco’s moeder willen zijn. En we zitten niet meer te wachten op die lange afstanden, hoe mooi de bestemming ook is. Mooier dan tot hier – wordt het misschien niet meer…

We hakken de knoop door, in Sydney breien we er langzaam een eind aan – in ieder geval voorlopig. Geen zorgen meer om een goede ankerplek, om de wind, om de boot. Op weg naar weer nieuwe avonturen, op een andere manier.

Maar we zullen het gaan missen, de boot. De bijzondere aankomsten na een week op zee, de warme zon, de volle maan. De zee zo glad als een spiegel en soms zo woest als een beer. De windstiltes onderweg, een dag later 40 knopen. Met halve wind 10 knopen snelheid, wat zeilt de Tignanello toch geweldig. We gaan het missen, maar ook weer niet misschien.

Meestal wegen de laatste loodjes het zwaarst. Niet deze.
We zijn van Amsterdam naar Sydney gezeild, met ons eigen schip, achter ons eigen roer. Ruim 15.000 mijl gevaren. We hebben ervan genoten, iedere zonsopgang weer. Dit was een kado om samen te mogen doen. We zijn apetrots.

En dat maakt onze laatste loodjes – licht.