logboek

Thuis

Thuis

Als we wakker worden, weten we soms niet precies waar we zijn. Vandaag zien we de zon opkomen van achter de Tafelberg. Die torent hoog uit boven het glooiende landschap. Het lijkt Zuid-Afrika wel.
Al snel weten we beter. We voelen de zwoele oostenwind en de lekkere golven.
Het Spaanse water. Curaçao.

Dushi Curaçao, waar Willem’s moeder als jong meisje opgroeide. Waar ze met hun jacht Silte Swaen 20 jaar geleden arriveerde. Waar pa en ma Smit zich zouden vestigen in hun huisje bij Piscadera, na alle mooie zeilreizen. Het liep anders.
Willems moeder vond haar laatste rustplaats hier in het Caribische water. En wij zeilden de Silte Swaen in 1997 terug. Langs de Venezuelaanse kust, de Windwards, de Leewards. De Azoren. De Silte Swaen zeilt nog rond, in de Middellandse zee. Tot een paar jaar geleden met pa Smit aan boord.

En nu liggen wij weer hier. Bijna 20 jaar later. Dushi Curaçao. Met de Tignanello.
Brakkeput Ariba, Kami Kalki. We zien het vanaf onze voorpunt liggen.
Het voelt als thuis, maar ook niet.

We worden landrotten als we een paar maanden op het prachtige huis van Miriam, Mattijs, Milou en Mickey mogen passen. We doen de tuin, en het zwembad. We genieten van de luxe, en de lieve poes Soep. Een ander soort thuis, zoals Willem’s ouders het misschien hadden willen doen.
Vrienden en familie komen over. We beleven met elkaar het prachtige Curaçao, doen alle stranden, snorkelen tot we er bij neervallen, en voelen de wind langs onze oren.

We leren Curaçao opnieuw kennen. Er is best veel veranderd in die 20 jaar. Het is drukker.
Het Spaanse Water is vol gebouwd, maar voelt nog steeds fijn. Geen Sarafundi, maar Boca19. Geen oude pater van wie we de Opel Rekord kunnen lenen.
We klussen aan de boot. Net als toen. Alleen was er 20 jaar geleden nog geen Budget Marine, de huidige bootwinkel op de Caracasbaaiweg.

We kijken met andere ogen dan toen, naar dit thuis. Naar de politiek. Naar de economische ontwikkelingen hier. De geschiedenis, de slavernij. De West Indische Compagnie. Die in de 16e eeuw de slaven uit Afrika haalde. Handel die Nederland zoveel voorspoed bracht, maar ook vele verschrikkingen teweeg heeft gebracht.
We zien mooie dingen. De kleine cultuur, de kunsten, muziek. De vele kerken en de oude synagoge. De architectuur. Van gotiek tot neoclassicisme. Zelfs de nieuwe zakelijkheid ontbreekt niet in Punda.

We vinden onze zeilvrienden in Seru Boca. Jos en Majo met hun klassieke Jonathan op haar vaste plek aan de kop van de steiger, onze buren van de Wildeman, Coen en Jose, en de – trouwende – Puff crew, Leon en Frieda. Klaar voor een nog groter avontuur. Leo en Karin van de Bubbles.
We zullen ze missen als we weer vertrekken.

We voelen ons thuis. Maar thuis is een relatief begrip aan het worden.
´´Home is where the heart is…´´. Dat ervaren we.
Of we nou hier thuis, daar thuis, of onderweg – thuis zijn.
We voelen ons vrij.

Bij de foto’s van de ABC eilanden, hebben we Curaçao foto’s toegevoegd. klik hier om te kijken